<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?>
<feed xmlns="http://www.w3.org/2005/Atom" xml:lang="nl">

    <title type="text">Brickmeetsbyte Wiki</title>
    <subtitle type="text">Brickmeetsbyte Wiki</subtitle>
    <link rel="alternate" type="text/html" href="/wiki/" />
    <link rel="self" type="application/atom+xml" href="/wiki/Special:Recentchanges_Atom" />
    <updated>2010-02-10T09:48:05Z</updated>
    <rights>Copyright (c) 2009, info@brickmeetsbyte.com</rights>
    <generator uri="http://expressionengine.com/" version="1.6.8">ExpressionEngine</generator>
    <id>tag:,2010:02:10:wiki</id>


    <entry>
      <title>index</title>
      <link rel="alternate" type="text/html" href="/wiki/index/" />
      <id>tag:,2010:wiki:index/12.70</id>
      <published>2010-02-10T09:48:05Z</published>
      <updated>2010-02-10T09:48:05Z</updated>
      <author>
            <name>Robert Eerhart</name>
            <email></email>
      </author>
      <content type="html"><![CDATA[
        <p>Maak een keuze uit de verschillende <a href="/wiki/Special:Categories/">Categorieen</a>.
</p>
      ]]></content>
    </entry>

    <entry>
      <title>De Internet en Multichannel encyclopedie</title>
      <link rel="alternate" type="text/html" href="/wiki/De_Internet_en_Multichannel_encyclopedie/" />
      <id>tag:,2008:wiki:De Internet en Multichannel encyclopedie/1.68</id>
      <published>2008-06-09T09:51:21Z</published>
      <updated>2008-06-09T09:51:21Z</updated>
      <author>
            <name>Robert Eerhart</name>
            <email></email>
      </author>
      <content type="html"><![CDATA[
        <p>In de Wiki van BrickmeetsByte worden de begrippen toegelicht die gebruikt worden in de postings. Deze begrippen liggen allen rond het raakvlak van multichannel en e-commerce.<br />
Alhoewel de term Wiki suggereert dat iedereen mee kan schrijven, heb ik toch besloten om zelf de content te verzorgen. Het maakt het voor mij gemakkelijker om de kwaliteit van de content te bewaken. Ik hoop hiermee voor iedere lezer een naslagwerk te creëren dat actueel is en voldoende inzicht biedt. Laat het me weten als je commentaar op de artikelen hebt.</p>

<p>Je kunt in het navigatiemenu links op de  Categories en Title list drukken voor een overzicht van de tot nu toe geplaatste <a href="http://www.brickmeetsbyte.com/wiki/Special:Titles" title="Wiki artikelen">Wiki artikelen</a>
</p>
      ]]></content>
    </entry>

    <entry>
      <title>Strategieen voor omgang met kanaalconflict</title>
      <link rel="alternate" type="text/html" href="/wiki/Strategieen_voor_omgang_met_kanaalconflict/" />
      <id>tag:,2007:wiki:Strategieen voor omgang met kanaalconflict/11.67</id>
      <published>2007-11-21T18:56:49Z</published>
      <updated>2007-11-21T18:56:49Z</updated>
      <author>
            <name>Eduard</name>
            <email></email>
      </author>
      <content type="html"><![CDATA[
        <p>Bijna elk bedrijf dat gebruik maakt van <a href="/wiki/Category:multichannel/" title="Category:multichannel">Category:multichannel</a>marktbewerking heeft in meer of mindere mate te maken met <a href="/wiki/Kanaalconflict%3A_definitie_en_oorzaken/" class="noArticle" title="Kanaalconflict:_definitie_en_oorzaken">Kanaalconflict: definitie en oorzaken</a></p>

<p><b>Strategieën om met kanaalconflicten om te gaan</b><br />
Het grote probleem is de fasering. Hoe lang duurt het voordat een deel van het assortiment massaal direct verkocht gaat worden, en wanneer moet je als fabrikant besluiten om hierin mee te gaan? Het consumentengedrag verandert geleidelijk en helaas is er geen sprake van een duidelijk moment waarop je de knop kan omzetten. Zeker voor de bedrijven met een samengesteld assortiment zal alleen een win-win strategie mogelijk zijn. Win-win strategieën zijn gebaseerd op het gegeven dat je aan je eigen voordeel denkt, terwijl je tegelijkertijd probeert je huidige partners mee te laten profiteren <br />
Er zijn een aantal strategieën om het kanaalconflict te beheersbaar te maken:</p>

<p><b>Lead generatie</b><br />
Verstrekken van productinformatie om de consument te verleiden het product van de fabrikant te kopen. En ze vervolgens doorverwijzen naar de retailers die het belangrijkst zijn voor de fabrikant. Voordeel voor de fabrikant: een relatie opbouwen met de eindconsument om daarmee kennis op te bouwen en grip op hun koopgedrag. Voordeel retailer: prospects in de winkel die al op de hoogte zijn van het product en minder tijd kosten om een product te verkopen<br />
<b>Co-delivery</b><br />
Rechtstreeks producten verkopen via internet en laten uitleveren door de retailer. In Amerika blijken die retailers het meest succesvol te zijn die gebruik maken van de mogelijkheid om producten af te halen bij de winkel. Circuit City was een van de eerste die het concept van ‘pick up in store’ toepaste. De helft van hun online klanten komen hun spullen ophalen in de winkel. Redenen voor het succes van het ophalen in de winkel zijn: klanten kunnen hun aankoop controleren, ze besparen verzendkosten, hoeven niet te wachten op de bezorger en weten waar ze de producten kunnen terugbrengen bij problemen. Voordeel voor de retailer is de mogelijkheid om te cross sellen.<br />
<b>Exclusiviteit</b><br />
Belangrijke distributiepartners exclusiviteit geven voor de verkoop van een specifieke productlijn. Als tegenprestatie krijgt de fabrikant de mogelijkheid om met haar andere producten te experimenteren met directe verkoop<br />
<b>Voorwaartse integratie</b><br />
Wanneer de retailers veel macht hebben kan de fabrikant onder een andere naam een eigen online retailer op te zetten. De Amerikaans muziekuitgeverij Melbay past deze strategie toe. Zij heeft baysidepress.com opgezet om direct te kunnen verkopen, terwijl ze op haar eigen website verwijst naar haar distributiepartners.<br />
<b>Uniforme prijzen</b><br />
Het hanteren van dezelfde prijs online geeft een krachtig argument richting de detailhandel: de klant zit aan de knoppen en bepaalt waar hij wil kopen. Hij zal dat kanaal kiezen die voor hem de meeste toegevoegde waarde biedt<br />
<b>Educatie</b><br />
Voor veel kleine detaillisten is het pompen of verzuipen. Ze hebben niet de bronnen om zich te verdiepen in de consequenties van internet voor hun businessmodel. Hier ligt een kans voor de fabrikant om haar distributiepartners op te leiden. Delen van kennis over de ontwikkelingen in de markt en hulp aanbieden hoe zij hun businessmodel zodanig kunnen aanpassen dat ze ook in de toekomst nog toegevoegde waarde kunnen hebben. </p>

<p>Het moge duidelijk zijn dat er niet 1 recept te geven is voor het omgaan met kanaalconflicten. Daarvoor is het aantal variabelen te groot: merk, consumenten, producten, machtsverhoudingen fabrikant-retailer. Bovendien kunnen de genoemde strategieën ook gecombineerd worden toegepast.
</p>
      ]]></content>
    </entry>

    <entry>
      <title>multichannel business modellen</title>
      <link rel="alternate" type="text/html" href="/wiki/multichannel_business_modellen/" />
      <id>tag:,2007:wiki:multichannel business modellen/4.65</id>
      <published>2007-11-21T18:54:53Z</published>
      <updated>2007-11-21T18:54:53Z</updated>
      <author>
            <name>Eduard</name>
            <email></email>
      </author>
      <content type="html"><![CDATA[
        <p>Hieronder staan zes businessmodellen voor <a href="/wiki/Category:Multichannel/" title="Category:Multichannel">Category:Multichannel</a></p>

<p><b>1. Catalogus met Eenvoudige online presentatie</b><br />
De orders worden voornamelijk geplaatst per mail of call center. De online channel is geen belangrijke sales driver. Tenminste 80% van de omzet gaat via andere kanalen dan internet.&nbsp; De gemiddelde klant is 55 jaar oud.</p>

<p><b>2. Catalogus met Online order formulier</b><br />
De catalogus is de primaire  marketing vehikel, maar de online presentatie is zo goed dat prospects online orders plaatsen. Alhoewel multichannel, is de catalogus de primaire sales driver. In feite zijn het catalogus bedrijven die online orders accepteren.</p>

<p><b>4. Retail Business met de catalogus als oorsprong</b><br />
voorbeelden hiervan zijn <a href="http://www.coldwatercreek.com/" title="Coldwater Creek">Coldwater Creek</a>, <a href="http://www.williamssonoma.com/" title="Williams Sonoma">Williams Sonoma</a>, <a href="http://www.landsend.com/" title="Lands' End">Lands&#8217; End</a> en tegenwoordig ook <a href="http://www.dell.nl" title="Dell">Dell</a>. Echte multichannel bedrijven met een sterke focus op ROI. Dankzij de catalogus achtergrond zijn deze bedrijven gewend aan het meten van alle marketing activiteiten in alle kanalen.</p>

<p><b>5. Online Business, Retail als oorsprong</b><br />
Denk herbij aan <a href="http://www.neimanmarcus.com/" title="Neiman Marcus">Neiman Marcus</a>, <a href="http://www.saksfifthavenue.com/" title="Saks">Saks</a> en <a href="http://www.macys.com/" title="Macy's">Macy&#8217;s</a>. Het online kanaal is complementair aan het fysieke retail kanaal. De winkels zijn verantwoordelijk voor het grootste deel van de omzet. De belangrijkste reden om multichannel te zijn is om de klant gemak te bieden. Het online kanaal zal als belangrijkste functie entertainment en informatie verstrekking hebben. De offline aanwezigheid zal automatisch leiden tot een aanzienlijke online traffic met bijbehorende sales. Online sales wordt echter niet veroorzaakt door briljante online marketing strategieën. De marketing analytics is in dit model ondergeschikt. Er zal meer vertrouwd worden op &#8216;Brand instinct&#8217; dan dat de beslissingen op ROI worden gebaseerd.</p>

<p><b>6. Pure online spelers</b><br />
Traffic wordt uitsluitend gerealiseerd door online marketing technieken. Ze hebben een nadeel door het ontbreken van een catalogus of fysieke lokatie. Daarom concurreren ze vaak met zeer scherpe prijzen en door het aanbieden van gratis verzending en ophalen. Schaalgrootte is noodzakelijk om lage marge te compenseren.&nbsp; Voorbeeld is <a href="http://www.zappos.com/" title="Zappos">Zappos</a>. Overigens denk dat de niche spelers, die long tail produkten aan bieden niet per se op prijs hoeven te concurreren. Immers, verkrijgbaarheid is lastig en dus heeft de consument er een premium voor over om online te kunnen kopen.</p>

<p>Wanneer je deze modellen bekijkt zou je ook een onderscheid kunnen maken tussen multichannel modellen op afstand en die met een fysieke aanwezigheid. Daar moet ik nog een mooie term voor bedenken, wat dit klinkt niet zo goed  :-S . Feit is dat de spelers op afstand hun multichannel operatie veelal meer aansturen op basis van analyses van cijfers dan de bedrijven die oorspronkelijk vanuit de fysieke wereld komen. Het vaststellen in welk model je bedrijf zich bevindt is van belang om te bepalen in welke mate je moet investeren in online marketingactiviteiten. Immers, de rentabiliteit ervan wordt bepaald door de mate waarin de activiteiten ook daadwerkelijk leiden tot (online) aankopen&#8230;....
</p>
      ]]></content>
    </entry>

    <entry>
      <title>Multichannel: definitie</title>
      <link rel="alternate" type="text/html" href="/wiki/Multichannel%3A_definitie/" />
      <id>tag:,2007:wiki:Multichannel: definitie/3.64</id>
      <published>2007-11-21T18:54:08Z</published>
      <updated>2007-11-21T18:54:08Z</updated>
      <author>
            <name>Eduard</name>
            <email></email>
      </author>
      <content type="html"><![CDATA[
        <p><b>Multichannel</b> is een veel gebruikt begrip waarbij er nogal veel definities doorelkaar lopen. Met name financiele dienstverleners gebruiken vaak het begrip multichannel wanneer ze via verschillende labels gebruik maken van verschillende distributiekanalen. Dus het ene label maakt gebruik van tussenpersonen en het andere label is een direct writer. Dit laatste is eigenlijk een oneigenlijk gebruik van het begrip multichannel. </p>

<p>Een <a href="/wiki/Category:Multichannel/" title="Category:Multichannel">Category:Multichannel</a> aanbieder maakt onder 1 label gebruik van meerdere distributiekanalen: internet, telefoon, catalogus, retail. </p>

<p>Hierbij zijn verschillende varianten mogelijk al naar gelang het aantal kanalen wordt ingezet. <br />
Er bestaan grofweg twee soorten multichannel modellen: het directe model waarbij de catalogus en/of internet leidend is en de andere kanalen ondersteunend. Het het retailmodel waarbij internet en telefoon ondersteunend zijn aan de fysieke lokaties. Alle andere <a href="/wiki/multichannel_business_modellen/"  title="multichannel_business_modellen">multichannel business modellen</a> zijn varianten op deze twee thema&#8217;s.
</p>
      ]]></content>
    </entry>

    <entry>
      <title>E&#45;commerce strategie: definitie</title>
      <link rel="alternate" type="text/html" href="/wiki/E-commerce_strategie%3A_definitie/" />
      <id>tag:,2007:wiki:E&#45;commerce strategie: definitie/6.61</id>
      <published>2007-11-21T18:11:50Z</published>
      <updated>2007-11-21T18:11:50Z</updated>
      <author>
            <name>Eduard</name>
            <email></email>
      </author>
      <content type="html"><![CDATA[
        <p><b>E-commerce strategie</b><br />
Een E-commerce strategie is de bepaling van en keuze uit alternatieven op hoofdlijnen op het gebied van de promotie en verkoop van produkten en diensten van een bedrijf op internet.&nbsp; De horizon van een E-commerce strategie ligt over het algemeen op 3 jaar. <br />
Een strategie bestaat uit een streefbeeld waar je over drie jaar wilt staan, en een plateau planning om er te komen.<br />
Gezien het feit dat de ontwikkelingen op internet nog steeds zich zeer snel opvolgen, is flexibiliteit van de strategie een noodzakelijk onderdeel. Het ligt dan ook voor de hand om alleen het eerste plateau concreet te definieren. Dit in de wetenschap dat het tweede en derde plateau toch anders zullen worden dan je bij de vaststelling van de strategie dacht.<br />
De E-commerce strategie is ondergeschikt aan de ondernemingsstrategie</p>

<p><b>E-commerce Roadmap</b><br />
De E-commerce roadmap is een aanpak om tot de ontwikkeling van een E-commerce strategie te komen. Het bestaat uit de volgende onderdelen:</p>

<p>1. Omgevings analyse<br />
Deze bestaat uit een beschrijving van het gedrag van de afnemers/doelgroep op internet, de belangrijkste internet trends en ontwikkelingen bij de concurrentie</p>

<p>2. Strategie<br />
De strategie wordt gebaseerd op de resultaten uit stap 1. Deze worden afgezet tegen de bestaande situatie van het bedrijf: hoe staat het me de mogelijkheid om op korte termijn de IT-systemen te koppelen aan internet, is de organsiatie ingericht voor direct klantcontact, hoe snel kunnen we de organisatie aanpassen aan een <a href="/wiki/Multichannel-definitie/" class="noArticle" title="Multichannel-definitie">Multichannel-definitie</a> marktbewerking, is er sprake van kanaalconflicten. </p>

<p><br />
3. Uitwerking streefbeeld</p>

<p>4. Plateauplanning</p>

<p>5. Consequenties voor de organisatie
</p>
      ]]></content>
    </entry>

    <entry>
      <title>Kanaal conflict: definitie en oorzaken</title>
      <link rel="alternate" type="text/html" href="/wiki/Kanaal_conflict%3A_definitie_en_oorzaken/" />
      <id>tag:,2007:wiki:Kanaal conflict: definitie en oorzaken/7.60</id>
      <published>2007-11-21T18:08:08Z</published>
      <updated>2007-11-21T18:08:08Z</updated>
      <author>
            <name>Eduard</name>
            <email></email>
      </author>
      <content type="html"><![CDATA[
        <p><b>Definitie kanaalconflict</b><br />
Een kanaalconflict ontstaat wanneer het distributiekanaal het idee heeft dat ze meer effort in de relatie steekt dan de fabrikant. Anders geformuleerd: wanneer het distributiekanaal het idee heeft dat de fabrikant door activiteiten te ondernemen richting eindafnemer haar gaat beconcurreren. Dat betekent dat een kanaalconflict ook kan onstaan zonder dat er sprake is van rechtstreekse verkoop. Ook het opzetten van een CRM programma waardoor de fabrikant een database kan opbouwen met eindafnemers kan door de distributie als bedreigend worden ervaren.<br />
Een kanaalconflict ontstaat over het algemeen wanneer een aanbieder die tot nu toe gebruik maakte van onahankelijke distributie, besluit om directe kanalen aan haar marktbewerking toe te voegen. Kortom, ze besluit om <a href="/wiki/Category:Multichannel/" title="Category:Multichannel">Category:Multichannel</a> te gaan. </p>

<p><b>Omvang kanaalconflict</b><br />
De omvang van het kanaalconflict is afhankelijk van:<br />
- de kracht van het merk of op zijn Engels: what’s your brandconfidence? <br />
Een zeer sterk consumentenmerk kan zich wat deukjes veroorloven in de relatie met haar distributiepartners. Immers, er is sprake van pull, klanten komen naar de winkel toe om de Ipod van Apple te kopen. Wanneer de retailer Apple uit zijn assortiment gooit, snijdt hij in zijn eigen (omzet)vlees <br />
- de machtsverhouding tussen fabrikant en distributie. Bepalend hierbij is het omzetaandeel van de fabrikanten bij de individuele distributiepartners en vice versa. Bij een hoog omzetaandeel zal de gepercipieerde dreiging voor de bewuste retailer groot zijn. immers, wanneer de fabrikant succesvol is in zijn directe verkoop zal dat voor hem een behoorlijke kannibalisatie van de omzet kunnen opleveren. Wanneer de individuele retailers ook nog eens een hoge bijdrage leveren aan de omzet van de fabrikant zullen ze een sterke vuist kunnen maken. Het zijn de grote retailketens die hiervan kunnen profiteren. Vaak hebben ze de fabrikant in de houdgreep waardoor die het niet aandurft direct te gaan verkopen.</p>

<p>Het is niet eenvoudig is om de omvang van het potentiële kanaalconflict van tevoren goed in te schatten. Een gedegen analyse van het klantengedrag, assortiment en distributie is zeer verhelderend. Het valt mij op dat in de boardroom een behoorlijk taboe rust op het kanaalconflict. Vrijwel geen enkele CEO durft het risico van een inkoopstaking aan. Echter een groot deel van de discussies wordt gevoerd vanuit een black box: vaak wordt de kracht van het merk onderschat, of de macht van de distributiepartners overschat. Alleen een goede analyse kan de discussie objectiveren en uit de emotionele sfeer trekken.</p>

<p><br />
Een kanaal conflict kan onstaan wanneer het gedrag van een van de kanalen in de perceptie van de andere kanalen hen belemmert in het bereiken van hun doelstellingen.</p>

<p><b>Oorzaken van een kanaalconflict</b></p>

<p>Het eerste model beschrijft de situatie dat een fabrikant onder eigen label de concurrentie aangaat met zijn wederverkopers:<br />
<img src="/wiki/87bd60f3e380c448028b235f33bd3e7c/" alt="kanaalconflict1.jpg" width="430" height="186" /><br><br />
Een voorbeeld hiervan is <a href="http://order.tupperware.com/coe/app/home" title="Tupperware">Tupperware</a> die een eigen verkoopkanaal heeft en gebruik maakt van onafhankelijke verkopers.<br />
Het conflict ontstaat wanneer het voor de fabrikant goedkoper is om rechtstreeks aan de eind klant te leveren en wanneer zij activiteiten onderneemt om deze te motiveren het directe kanaal te gebruiken.<br />
In de ogen van de wederverkoper pikt de fabrikant zijn klanten af (in de veronderstelling dat een online klant anders offline gekocht zou hebben). Daarnaast kan de situatie ontstaan dat de wederverkoper advies heeft gegeven en vervolgens de fabrikant er met de deal vandoor gaat. Dit wordt free riding genoemd. Ook kan een conflict ontstaan wanneer de consument online bij de fabrikant koopt maar naar de wederverkoper gaat als er problemen zijn of vragen over de werking van het produkt.<br></p>

<p>Het tweede model beschrijft de situatie van een fabrikant die gebruik gaat maken van een pure online wederverkoper<br />
<img src="/wiki/f4c49a193147923682f163c1bb922c22/" alt="kanaalconflict2.jpg" width="430" height="186" /><br><br />
Het conflict ontstaat wanneer de online speler een agressieve marktbewerking hanteert om marktaandeel te veroveren door lagere prijzen te bieden en voordelen als gratis levering. De bricks and mortar retailer is hier vaak niet toe in staat gezien de hoge vaste kosten van zijn infrastructuur. Ook is hier sprake van (de perceptie van) free riding. De fabrikant heeft over het algemeen weinig invloed op de prijsstrategie van de reseller kan hier dus weinig aan doen (<a href="http://www.brickmeetsbyte.com/site/entry/het_kanaalconflict_tussen_atag_etna_pelgrim_en_de_internetshop/" title="alhoewel de case AEG versus Groen anders bewijst">alhoewel de case AEG versus Groen anders bewijst</a>). Ook ikzelf merk dat bij het opzetten van onze golfwinkel sommige fabrikanten gewoon niet willen leveren.<br></p>

<p>Het derde model is de situatie dat de wederverkoper ook zelf online verkoopt<br />
<img src="/wiki/a160e077af3949a278e00f44d1393fe1/" alt="kanaalconflict3.jpg" width="430" height="217" /><br><br />
In dit geval zal er minder vaak sprake zijn van een kanaal conflict tussen pure fysieke retailers en die het gemengde model hanteren. De bricks and clicks retailer zal namelijk over het algemeen geen agressieve prijs strategie voeren om niet te concurreren met haar eigen filialen. <br></p>

<p>Bron: proefschrift van <a href="http://epubl.ltu.se/1402-1757/2005/54/" title="Lena Goldkuhl van de Luea University of Technology.">Lena Goldkuhl van de Luea University of Technology.</a>
</p>
      ]]></content>
    </entry>

    <entry>
      <title>E&#45;commerce strategie model</title>
      <link rel="alternate" type="text/html" href="/wiki/E-commerce_strategie_model/" />
      <id>tag:,2007:wiki:E&#45;commerce strategie model/10.48</id>
      <published>2007-09-13T15:34:42Z</published>
      <updated>2007-09-13T15:34:42Z</updated>
      <author>
            <name>Robert Eerhart</name>
            <email></email>
      </author>
      <content type="html"><![CDATA[
        <p>Het <a href="/wiki/Category:E-commerce/" title="Category:E-commerce">Category:E-commerce</a> strategie model<br />
De basis voor strategievorming ligt verscholen in een interne en een externe dimensie: in de ‘markt’ en in het ‘bedrijf’.&nbsp; Een ‘hoge impact’ vanuit de markt betekent dat internet de bestaande spelregels in de markt verandert. De ‘hoge impact’ strekt zich uit over de volledige verkoopcyclus. Bij een ‘lage impact’ is dit<br />
niet het geval. De impact van internet richt zich dan met name op een of meer onderdelen uit de verkoopcyclus. Binnen dat onderdeel kan de internet-<br />
opportunity overigens uitermate hoog zijn.<br />
De tweede dimensie vereist een meer interne blik.&nbsp; Deze‘internal e-commerce fit’ is ‘hoog’ naarmate een bedrijf veel kerncompetenties en assets bezit die op internet een kritisch concurrentievoordeel opleveren. Is het tegendeel het geval, dan is er sprake van een ‘lage’ score op deze dimensie. <br />
Deze twee dimensies kunnen we tegen elkaar afzetten, waardoor een strategiemodel met vier hoofduitkomsten ontstaat ieder met zijn eigen unieke kenmerken.<br />
<img src="/wiki/cddb8915c3ae4bb16f523724c54223d4/" alt="internet_strategiemodel.jpg" width="395" height="252" /></p>

<p><b>Lage impact, slechte fit met organisatie: fortify</b><br />
Dit is de meest eenvoudige strategie. Het ligt niet voor de hand dat op korte termijn de complete verkoopcyclus op zijn kop zal worden gezet. Bovendien is de organisatie niet optimaal uitgerust om online te kunnen concurreren.<br />
Het komt met name voor bij bedrijven die geen ervaring hebben met direct klantcontact of recent een fusie of overname hebben meegemaakt en veel moeite hebben alle systemen en processen op elkaar aan te laten sluiten. Toch kan er een grote internet-opportunity schuilen in een van de onderdelen<br />
van de totale cyclus. Denk hierbij aan branding of aan customer service. Stapsgewijs kunnen activiteiten uit de bedrijfsketen online worden gebracht,<br />
te beginnen met de hoogste opportunity. Timing is essentieel, waarbij het ROI-beleid randvoorwaardelijk is. De mate waarin hier mogelijkheden liggen is afhankelijk van een opportunity-scan. De focus ligt op het versterken van die onderdelen van de interne organisatie die bijdragen aan het invullen van de opportunity.<br />
Alles staat in het teken van het beschermen en waar mogelijk uitbouwen van de huidige stroom inkomsten. Ondertussen is het van belang de ontwikkelingen<br />
in de markt scherp in de gaten te houden. Het is immers goed mogelijk dat er technologische ontwikkelingen plaatsvinden die de situatie radicaal kunnen veranderen en adequaat reageren noodzakelijk maken.</p>

<p><b>Lage impact, goede fit met organisatie: explore</b><br />
In kwadrant II is sprake van een luxe positie. De impact op de bestaande bedrijfsvoering valt te overzien, terwijl bedrijven in staat zijn hun commerciële<br />
operatie snel online te brengen, in tegenstelling tot bedrijven in het eerste quadrant (fortify).<br />
Het geldt met name voor marktgerichte bedrijven die al op een of andere manier direct klantcontact hebben. Toch gelden hier grotendeels identieke<br />
overwegingen als in de fortify-strategie. De uitdaging is te bepalen wanneer in welke functie geïnvesteerd moet worden. De businesscase speelt een cruciale<br />
rol bij de bepaling van de keuzes. Afhankelijk van de specifieke situatie van het bedrijf en de doelgroep kan een grove inschatting worden gemaakt<br />
van welke investering op welk moment het meeste rendement zal opleveren.<br />
Daarnaast ontstaat er ruimte voor het creëren van nieuwe product- en serviceconcepten binnen en buiten de branche. Door kweekvijvers te realiseren<br />
kunnen nieuwe mogelijkheden worden afgetast.</p>

<p><b>Hoge impact, slechte fit met organisatie: recruit troops</b><br />
In het derde kwadrant is sprake van een hoge sense of urgency. Consumenten herkennen de toegevoegde waarde van internet en maken er actief gebruik<br />
van. Nieuwe toetreders spelen op deze behoefte in, betreden de markt en vallen bestaande bedrijven in de flank aan. In geen enkele branche kanmen het zich veroorloven om toe te kijken hoe nieuwe toetreders klanten afpakken. Hierbij is de vraag of de specifieke nieuwe toetreders het zullen redden niet relevant. Immers, er zullen altijd nieuwe bedrijven inspringen op opportunities in de markt. Het bedrijf is er echter nog niet klaar voor om vanuit de bestaande organisatie de aanval af te slaan. Dit resulteert in een van de grootste uitdagingen voor de manager: meegaan met de propositie van de nieuwkomer of afwachten?<br />
In het laatste geval loop je de kans dat klanten weglopen, in het eerste geval bestaat het gevaar dat je de winstgevendheid van het bedrijf onder druk zet.<br />
Dit is een ongekend dilemma. ‘Damned if you do, damned if you don’t.’<br />
Bij de strategie ‘recruit troops’ kiest een bedrijf ervoor de (niche) markt waarop hij wordt aangevallen te isoleren en een greenfield operatie buiten<br />
de bestaande organisatie op te tuigen. Hierdoor kan op de complexe marktsituatie worden ingespeeld, zonder de erfenis van de bestaande organisatie.<br />
Alleen vanuit bedreigingen redeneren is echter zwak. Juist in branches met een hoge internet-opportunity is dit een goede strategie om nieuwe concepten<br />
aan klanten aan te bieden en de concurrentiepositie ook ten opzichte van bestaande spelers te versterken.</p>

<p><b>Hoge impact, goede fit met de organisatie: corporate attack</b><br />
In het vierde kwadrant zijn de markt en het bedrijf er klaar voor. Internet staat hoog op alle strategische agenda’s. Nieuwe toetreders betreden de markt en vallen bestaande bedrijven aan. De volledige verkoopcyclus staat onder druk. Als het bedrijf in staat is om relatief snel alle commerciële functies online te brengen, ligt het voor de hand dit onder de vlag van het bestaande merk te doen. Het bedrijf kan immers al met voldoende massa starten,<br />
zodat bestaande klanten geen teleurstellingen zullen ondervinden door een te nauw gedefinieerde focus van de e-commerceactiviteiten.<br />
De kans op beschadiging van de huidige business door een zwakke start is derhalve beperkt. Tegelijkertijd kan geprofiteerd worden van alle investeringen<br />
die in het verleden zijn gedaan in assets als naamsbekendheid, ervaring in de business en systemen.
</p>
      ]]></content>
    </entry>

    <entry>
      <title>E&#45;prover</title>
      <link rel="alternate" type="text/html" href="/wiki/E-prover/" />
      <id>tag:,2007:wiki:E&#45;prover/8.47</id>
      <published>2007-09-12T18:54:37Z</published>
      <updated>2007-09-12T18:54:37Z</updated>
      <author>
            <name>Robert Eerhart</name>
            <email></email>
      </author>
      <content type="html"><![CDATA[
        <p>De E-prover is een model om de conversie van websites te verhogen. Daarbij is het niet noodzakelijk dat het alleen gaat om verkopen. Het is toepasbaar op alle acties van de gebruiker van de site: informatie aanvragen, abonneren op een nieuwsbrief, produkt aanschaffen enz. </p>



<p>*Het verkoopproces op internet in vijf stappen*<br />
Het verkoopproces op internet is vergelijkbaar met dat in de traditionele retailwereld. Vragen die spelen zijn: Hoe trek ik - online én offline - meer bezoekers naar mijn winkel? Hoe haal ik meer kopers uit mijn bezoekersstroom? Hoe verkoop ik kopers méér? In welke onderdelen van de winkelformule moet ik investeren om een zo hoog mogelijk rendement te halen? Factoren die daarbij nadrukkelijk een rol spelen zijn het assortiment, de presentatie in de winkel en bijvoorbeeld de service.Vergeleken met de traditionele retailwereld is de internetwereld echter nog erg nieuw. Er zijn nog maar weinig gegevens bekend over het effect van verschillende campagnes of van bijvoorbeeld verschillende functionaliteiten op de website. Daardoor is het vaak moeilijk te bepalen wat wel en niet op een website te doen. Door te gaan meten kun je hier inzicht in krijgen: meten is weten. Bovendien levert het meten via internet veel sneller resultaat op dan het meten in de traditionele media. Waar we in traditionele media praten over het resultaat na enkele maanden, praten we in digitale media over instant resultaat.De E-prover methodiek onderscheidt voor het verkoopproces op internet vijf fasen (zie afbeelding). Het begint allemaal met het naar de site komen, dat goed meetbaar is aan het aantal hits op bijvoorbeeld de homepage. Vervolgens gaan de bezoekers rondkijken op de website. In de derde stap kiezen de bezoekers door een product of invulformulier aan te klikken. De stap daarna is dat de bezoekers het invulformulier ook daadwerkelijk invullen en versturen of het product kopen. In de laatste stap komen de bezoekers van de website ook weer terug naar de site. Het uiteindelijke doel is de conversie naar iedere volgende stap te maximaliseren zodat je een maximaal rendement met de website behaalt.</p>

<p>*Zijn de drivers van succes al e-proof?*<br />
Om het rendement op de website te kunnen verbeteren is het van belang eerst te weten hoe hoog de conversieratio is tussen de verschillende stappen. Het mag duidelijk zijn dat hoe hoger de conversieratio is, des te hoger het rendement is dat op de website wordt gemaakt. Immers hoe meer mensen er komen, des te meer er ook zullen gaan kijken, kiezen, kopen en terugkomen. Om aan te kunnen geven waarom mensen op websites doorstromen of afhaken naar een volgende stap hebben wij drivers van succes in de stappen van het verkoopproces geïdentificeerd. De drivers van succes bepalen of bezoekers van een website een stap al dan niet doorlopen en doorgaan naar de volgende fase.</p>

<p>*Meten = weten*<br />
Aan de hand van het E-prover dashboard verkrijgen we inzicht in conversie en achterliggende factoren. Het dashboard kan naar keuze per stap een aantal meetwaarden presenteren. Bijvoorbeeld aantallen bezoekers, percentages bezoekers en geldbedragen of tijd gespendeerd op de website. Daarnaast kan gevarieerd worden in een aantal dimensies, zoals tijdsperiode, productcategorieën, herkomst van bezoekers en type klant. Het dashboard kan zo laten zien waar, bij welk product, op welk tijdstip een uniek geïdentificeerde bezoeker besluit het verkoopproces af te breken of tot aankoop over te gaan. Via het dashboard kunnen – door de relevante databases te koppelen – ook de gegevens uit de verschillende media gecombineerd worden. Zo kan gemeten worden welke kopers op de website goede of juist slechte klanten zijn en of een telefonische lead nu ook daadwerkelijk tot aankoop is overgegaan.<br />
Het dashboard geeft een indicatie welke sets van drivers - behorende bij een van de stappen in het verkoopproces - verhoudingsgewijs beter en slechter werken. Uitgedrukt in de van tevoren vastgestelde meetwaarden geeft het dashboard per verkoopstap aan of bovengemiddeld, ondergemiddeld of gemiddeld gepresteerd wordt. Door bijvoorbeeld de dimensie tijd te variëren van jaar één naar jaar twee, of in te zoomen op een lager niveau (maanden, dagen, uren) ontstaat dynamisch een gedetailleerd inzicht in de performance van de e-commerce-activiteiten.</p>

<p><br />
*Continu verbeteren*<br />
Toont een analyse van de conversieratio’s aan dat de conversie tussen de stappen achterblijft bij de doelstellingen? Dan kan bekeken worden welke drivers op de website beter moeten worden ingevuld. Het E-prover implementatiemodel biedt een uitgangspunt voor het continu verbeteren van de website. Om over te kunnen gaan tot het verbeteren van een website is het essentieel dat de doelstelling en doelgroep van de website helder is. Aan de hand hiervan kan bepaald worden welke onderdelen van belang zijn om te meten. Heeft een website als doel producten te verkopen dan moeten we andere elementen van de site meten dan wanneer het doel is e-mailadressen te werven. Blijkt na het meten dat de conversie tussen de stappen niet voldoet aan de doelstellingen, dan dient het doel en de doelgroep van de website ook weer als uitgangspunt om de invulling van de drivers van succes te beoordelen. Richt een site zich op jongeren dan stelt dit hele andere eisen aan de vormgeving dan wanneer een site zich richt op ouderen. Uit de analyse van de invulling van de drivers van succes kan blijken dat elementen van de website heringericht moeten worden. Afhankelijk van de omvang van de gesignaleerde problemen kan besloten worden hier nog een business case en een prioriteitenstelling voor op te stellen. Zijn de wijzigingen eenmaal doorgevoerd, dan stelt het E-prover dashboard je direct weer in staat te meten wat het rendement van de wijzigingen is.</p>

<p> <a href="/wiki/Category:Conversiemanagement/" title="Category:Conversiemanagement">Category:Conversiemanagement</a>
</p>
      ]]></content>
    </entry>

    <entry>
      <title>Ecommerce&#45;definitie</title>
      <link rel="alternate" type="text/html" href="/wiki/Ecommerce-definitie/" />
      <id>tag:,2007:wiki:Ecommerce&#45;definitie/5.37</id>
      <published>2007-09-04T22:03:14Z</published>
      <updated>2007-09-04T22:03:14Z</updated>
      <author>
            <name>jazz</name>
            <email></email>
      </author>
      <content type="html"><![CDATA[
        <p><a href="/wiki/Category:E-commerce/" title="Category:E-commerce">Category:E-commerce</a> of Ecommerce heeft betrekking op het informeren over, promoten, verkopen en distribueren van goederen en diensten via internet. In ruime zin vallen alle commerciele activiteiten op internet onder deze definitie.&nbsp; Anderen hanteren het begrip in enge zin, namelijk uitsluitend wanneer er sprake is van transacties.</p>

<p><b>facts and figures</b><br />
 in 2006 hebben ruim één miljoen kopers voor het eerst een online bestelling gedaan waarmee het totaal aantal online kopers in 2006 ruim 6,4 mln. bedraagt. Daarnaast gaan online kopers ook steeds vaker online bestellen. De bestelfrequentie is in de tweede helft van 2006 verder gestegen van 2,2 naar 2,4 bestellingen. Het gemiddeld bestede bedrag per online koper is in 2006 verder gestegen van € 433,- naar € 441,-</p>

<p>Consumenten besteden vooral geld aan reizen, elektronica, verzekeringen en kleding via internet. De reisbranche is veruit het grootste marktsegment met een online jaaromzet van bijna € 1,2 miljard. Naast de groei in de grote branches zien we een sterke opkomst van de kleinere online branches; speelgoed wordt bijvoorbeeld veel verkocht via internet. De markt voor DVD’s, home entertainment en online tickets blijft bovendien groeien.<br />
Ruim 9 van de 10 internetters gebruikt het internet om zich te oriënteren op een aankoop (zowel online als in de winkel) en inmiddels heeft meer dan 50% van alle Nederlanders van 16 jaar en ouder wel eens een online bestelling gedaan. De tevredenheid met de online aankoop is zeer groot, het aanbod neemt nog steeds toe en ook drempels zoals veiligheid van betalen worden door nieuwe ontwikkelingen zoals iDEAL steeds lager. Een substantiële daling van de groei is voorlopig nog niet in zicht.<br />
Bron: Thuiswinkel.org</p>

<p>* 64% van de Nederlanders gebruikt internet. <br />
* 95% van de actieve internetgebruikers oriënteert zich online voordat hij iets koopt.<br />
* 6,4 miljoen mensen kochten in 2006 iets online een miljoen meer dan in 2005<br />
* Gemiddeld besteedde de online koper € 441.</p></li><p>
* De online verkoop vertegenwoordigt inmiddels een totale waarde van € 2,82 miljard euro, een stijging van 28 % ten opzichte van 2005. <br />
* De totale retail omzet in Nederland bedroeg in 2006 € 83,1 miljard<br />
* Officeel zijn er volgens de KvK 7229 postorder- en internetbedrijven in de detailhandel. Aangezien niet iedereen zich inschrijft ligt het aantal  hoger, waarschijnlijk boven de 10.000<br />
* 50% van de Nederlanders boekt een reis via internet, 15% direct aan de balie bij het reisbureau. <br />
* Het aantal videotheken  is in 1 jaar gedaald van 900 naar 793 (januari 2007)<br />
* 6,6 mln mensen hebben een keer iets via internet gekocht waarvan 5,1 mln in de eerste helft van 2006. <i>Het is mij niet helemaal duidelijk of dit betekent dat deze pas in 2006 voor het eerst iets gekocht hebben. Dat zou immers een fenomenale groei betekenen.<br />
* In de eerste helft van 2006 groeiden de Nederlandse online consumenten bestedingen met 37% t.o.v. de eerste helft 2005<br />
* het aandeel <a href="http://www.bodhost.com/web-hosting/index.php/2007/09/03/e-commerce-as-a-solution/" title="e-commerce">e-commerce</a> in de totale omzet van het bedrijfsleven ligt boven de 10%<br />
* 80% van de internetgebruikeres bezoekt de binnenstand net zo vaak en doet ook niet minder aankopen ten gevolge van online winkelen</p>

<p>Bron: Telegraaf, 22 juli 2007,Blauw Research
</p>
      ]]></content>
    </entry>


</feed>